Big Ben, London, SW1A 0AA
Mon – Sat 8:30 – 17:30

De nieuwe meerwaardebelasting in België: wat betekent dat voor jou?

Op vrijdag 3 april 2026 stemde de Kamer van Volksvertegenwoordigers de nieuwe meerwaardebelasting. Een historisch moment: voor het eerst in de Belgische geschiedenis betaal je voortaan belasting op de winst die je maakt bij de verkoop van aandelen, crypto of bepaalde beleggingen. Maar wat betekent dat nu concreet voor jou? En hoe kan je slim omgaan met deze nieuwe belasting? In dit artikel leg ik alles uit in klare taal.

Wat is de meerwaardebelasting?

Een meerwaarde is de winst die je maakt bij de verkoop van een belegging. Koop je aandelen voor €5.000 en verkoop je ze later voor €8.000? Dan is je meerwaarde €3.000. Op die winst betaal je voortaan belasting.

Tot voor kort was België één van de weinige landen in Europa zonder zo’n belasting. Die uitzondering is nu voorbij. De wet is bovendien retroactief van toepassing: alle meerwaarden gerealiseerd vanaf 1 januari 2026 vallen onder de nieuwe regels — ook al werd de wet pas in april 2026 gestemd.

Op welke beleggingen is de belasting van toepassing?

De meerwaardebelasting geldt voor vier grote categorieën van financiële activa:

   
Categorie Voorbeelden
Financiële instrumenten Aandelen, obligaties, ETF’s, beleggingsfondsen, afgeleide producten
Bepaalde levensverzekeringen Tak 21, tak 23, tak 26 en vergelijkbare spaar- en beleggingsverzekeringen
Cryptoactiva Bitcoin, Ethereum, NFT’s die als belegging of betaalmiddel worden gebruikt
Geldmiddelen Beleggingsgoud (goudstaven, -munten) — gouden juwelen vallen er NIET onder

Wat valt er NIET onder de meerwaardebelasting?

  • Je eigen woning of ander vastgoed (dat heeft aparte regels)
  • Pensioensparen en groepsverzekeringen
  • Gewone spaarrekeningen en termijnrekeningen
  • Gouden juwelen en andere sieraden

Hoeveel belasting betaal je? De drie scenario’s

Het tarief hangt af van jouw situatie. Er zijn drie verschillende scenario’s.

Scenario 1: De gewone belegger (de meeste mensen)

Ben je een particulier die belegt in aandelen, fondsen of crypto — zonder een groot belang in een eigen vennootschap? Dan betaal je 10% belasting op je meerwaarde. Maar de eerste €10.000 per jaar is vrijgesteld. Die vrijstelling wordt jaarlijks geïndexeerd.

📌 Voorbeeld: Je verkoopt aandelen en maakt €12.000 winst. Vrijstelling: €10.000 → Belastbaar: €2.000 → Belasting: €200 (10% van €2.000).

Ben je getrouwd of wettelijk samenwonend en zijn de beleggingen van jullie samen? Dan geldt de vrijstelling per persoon — samen dus tot €20.000 (of zelfs €30.000 als jullie de opgebouwde vrijstelling maximaal benutten).

Scenario 2: De ondernemer met een groot belang in zijn bedrijf

Ben je eigenaar van minstens 20% van de aandelen van een vennootschap? Dan val je onder een gunstiger regime met een vrijstelling van €1.000.000 per periode van 5 jaar en progressieve tarieven daarboven.

   
Schijf meerwaarde Tarief
Tot €1.000.000 0%
€1.000.001 – €2.500.000 1,25%
€2.500.001 – €5.000.000 2,50%
€5.000.001 – €10.000.000 5%
Boven €10.000.000 10%

 

Scenario 3: Verkoop aan je eigen vennootschap (interne meerwaarde)

Verkoop je aandelen aan een vennootschap die je zelf controleert — bijvoorbeeld je eigen holding? Dan betaal je 33% belasting, zonder enige vrijstelling. Dit is de strengste categorie en het omgekeerde van wat je wil bereiken met een optimalisatie.

Snel overzicht: wie betaalt wat?

     
Wie ben je? Tarief Vrijstelling
Gewone belegger (< 20% in vennootschap) 10% €10.000/jaar (max €15.000)
Ondernemer met ≥ 20% in eigen bedrijf 0% → 10% Eerste €1.000.000 (per 5 jaar)
Verkoop aan eigen vennootschap 33% Geen

 

Wat met winsten van vóór 2026? Het fotomoment

Goed nieuws: de winst die je vóór 1 januari 2026 al had opgebouwd, wordt niet belast. Enkel de waardestijging ná die datum telt mee. Dit noemen we het ‘fotomoment’: de waarde van je beleggingen op 31 december 2025 is het vertrekpunt.

Voor beursgenoteerde aandelen is dat eenvoudig: de beurskoers van die dag is het referentiepunt. Voor aandelen van je eigen vennootschap is dat complexer: je hebt een officiële waardering nodig door een bedrijfsrevisor of onafhankelijk accountant. Ondernemers hebben tot 31 december 2027 de tijd om die waardering te laten opmaken.

⚠️ Doe dit niet te lang uitstellen. Een waardering kost wat, maar kan je duizenden euro’s belasting besparen.

Wat als je verlies maakt?

Maak je verlies op een belegging? Dan mag je dat verlies aftrekken van je winst — maar enkel binnen hetzelfde jaar en dezelfde categorie. Verliezen zijn niet overdraagbaar naar een volgend jaar.

📌 Voorbeeld: Winst op aandelen A: +€15.000 | Verlies op aandelen B: –€8.000 → Belastbaar: €7.000 → Na vrijstelling van €10.000: €0 belasting.

Schenken of erven: geen meerwaardebelasting

Een schenking of erfenis is geen verkoop en triggert dus geen meerwaardebelasting. Wil je aandelen overdragen aan je kinderen? Dan kan een schenking fiscaal interessanter zijn dan een verkoop.

Let op: de begiftigde (degene die de schenking ontvangt) zal later wél belasting betalen als hij of zij de aandelen verkoopt. De meerwaarde wordt dan berekend op basis van jouw oorspronkelijke aankoopprijs. Bespreek dit altijd met je accountant, want de schenkbelasting en de latere meerwaardebelasting bij de kinderen moeten mee in de afweging.

Hoe wordt de belasting geïnd?

Vanaf 1 juni 2026 zal je bank of broker de belasting automatisch inhouden bij de verkoop — net zoals dat nu al gebeurt bij dividenden. Vóór die datum moet je de meerwaarden zelf aangeven in je belastingaangifte.

 

6 slimme tips om je meerwaardebelasting te beperken

De meerwaardebelasting is nieuw, maar dat betekent niet dat je er niets aan kan doen. Hieronder zes legale manieren om je belasting te optimaliseren.

Tip 1: Verkoop in schijven — blijf onder de vrijstellingsgrens

De vrijstelling van €10.000 per persoon per jaar geldt elk jaar opnieuw. Spreid je verkopen over meerdere jaren zodat je telkens onder de grens blijft.

Voorbeeld: Meerwaarde van €40.000 in één jaar → €30.000 belastbaar → €3.000 belasting.
Gespreid over 4 jaar (€10.000/jaar) → €0 belasting.

Tip 2: Benut de opgebouwde vrijstelling van vorige jaren

Gebruik je de vrijstelling een jaar niet (of niet volledig), dan bouw je extra vrijstelling op — tot maximaal €15.000. Wie vijf jaar lang niets verkoopt, kan in het zesde jaar tot €15.000 belastingvrij realiseren. Plan grote verkopen dus bewust.

Tip 3: Verrekenbare verliezen bewust inzetten

Heb je beleggingen die momenteel verlies draaien? Realiseer dat verlies bewust in hetzelfde jaar als je een grote winst boekt. De fiscus heeft uitdrukkelijk bevestigd dat dit geen fiscaal misbruik is. Let wel: het verlies moet in hetzelfde jaar én dezelfde categorie vallen.

Voorbeeld: Winst +€15.000 | Verlies –€8.000 → Belastbaar: €7.000 → Onder vrijstelling → €0 belasting.

Tip 4: Schenk in plaats van verkoop

Een schenking triggert geen meerwaardebelasting. Wil je aandelen overdragen aan je kinderen? Dan kan een schenking fiscaal interessanter zijn dan een verkoop — al betaalt de begiftigde later wél belasting als hij of zij de aandelen verkoopt. Bespreek dit altijd met je accountant.

Tip 5: Ondernemer? Laat je aandelen tijdig waarderen

Als ondernemer met een aanmerkelijk belang heb je tot 31 december 2027 de tijd om een officiële waardering van je aandelen per 31 december 2025 te laten opmaken. Doe je dat niet, dan riskeer je dat de volledige meerwaarde — inclusief de historische winst van vóór 2026 — belast wordt. Dit is misschien wel de belangrijkste tip voor ondernemers.

Tip 6: Simuleer je situatie met een online tool

Voordat je beslist wanneer en hoeveel je verkoopt, simuleer je situatie op meerwaardebelastingberekenen.be. Zo zie je meteen wat de impact is van verschillende scenario’s: spreiden over jaren, verliezen verrekenen, enzovoort — zonder dat je een fiscaal expert hoeft te zijn.

Wat je beter niet doet

Sommige ‘optimalisaties’ lijken slim maar zijn dat niet:

  • Verkopen op 31 december en terugkopen op 2 januari om de vrijstelling te resetten: de fiscus is hiervan op de hoogte en kan dit als fiscaal misbruik beschouwen.
  • Aandelen inbrengen in een eigen vennootschap om de belasting te vermijden: dat valt onder de ‘interne meerwaarde’ en wordt belast aan 33%.

Conclusie: plannen loont

De meerwaardebelasting is een nieuwe realiteit voor elke Belg die belegt. Maar met een beetje planning valt de impact voor de meeste mensen goed mee. De sleutel zit in spreiden, plannen en tijdig handelen.

Heb je vragen over hoe de meerwaardebelasting jou persoonlijk treft? Neem gerust contact op — ik help je graag verder.

Lichte vracht kopen in 2026?

Lichte vracht kopen in 2026? Doe het dit jaar en bespaar extra op je belastingen

Als zelfstandige of bedrijfsleider overweeg je misschien een nieuwe lichte vrachtwagen aan te schaffen — voor de zaak, voor leveringen, of gewoon omdat je huidige wagen aan vervanging toe is. Dan is er goed nieuws: wie dat dit jaar nog doet, pakt er een extra fiscaal voordeel bij dat vanaf 2027 verdwijnt. We leggen je uit hoe dat zit.

Wat is een investeringsaftrek?

Wanneer je als zelfstandige of vennootschap investeert in bedrijfsmiddelen — denk aan machines, computers, voertuigen of installaties — mag je die kosten afschrijven over meerdere jaren. Dat is de gewone beroepskostenaftrek: je trekt de aankoopwaarde gespreid af van je belastbare winst.

De investeringsaftrek is iets anders, en iets extra’s. Het is een bijkomende fiscale aftrek bovenop de gewone afschrijving. Je mag een bepaald percentage van de aanschaffingswaarde van je investering nog eens extra aftrekken van je belastbare winst — in één keer of gespreid over de afschrijvingsperiode.

💡 Concreet: stel je koopt een lichte vrachtwagen van €50.000. Je schrijft die af over 5 jaar (€10.000/jaar). Dankzij de investeringsaftrek mag je bovenop die afschrijving nog eens een extra bedrag aftrekken van je winst. Dat verlaagt je belastbare basis — en dus je belastingfactuur.

De investeringsaftrek staat volledig los van de aftrekbaarheid van je autokosten als beroepskost. Het zijn twee aparte voordelen die je naast elkaar kunt toepassen. De investeringsaftrek is een eenmalige extra aftrek op de aankoopwaarde; de beroepskostenaftrek is de jaarlijkse aftrek van je werkelijke kosten (brandstof, onderhoud, verzekering, afschrijving…).

Lichte vracht en de investeringsaftrek: wat verandert er?

Sinds 1 januari 2025 geldt een volledig hervormd systeem van investeringsaftrekken. Eén van de belangrijkste wijzigingen: bepaalde voertuigen op fossiele brandstof worden uitgesloten van de basisinvesteringsaftrek.

Voor lichte vrachtwagens op fossiele brandstof (benzine, diesel…) geldt een overgangsregeling:

  • Aangeschaft vóór 1 januari 2027 (dus ook in heel 2026): ✅ recht op de basisinvesteringsaftrek
  • Aangeschaft vanaf 1 januari 2027: ❌ geen basisinvesteringsaftrek meer mogelijk

Voor andere voertuigen op fossiele brandstof — zoals motorfietsen of bromfietsen — geldt die uitzondering niet. Die zijn al onmiddellijk uitgesloten. De lichte vracht kreeg dus een jaar extra.

⏰ Concreet: wie een lichte vrachtwagen op fossiele brandstof aanschaft in 2026, geniet nog van de basisinvesteringsaftrek. Wie wacht tot 2027, valt uit de boot.

Hoeveel bedraagt de basisinvesteringsaftrek?

De basisinvesteringsaftrek bedraagt:

  • 10% van de aanschaffingswaarde — voor kleine vennootschappen en zelfstandigen (eenmanszaken)
  • 0% — voor grote vennootschappen (zij genieten enkel van de verhoogde/thematische aftrekken)

Voor een kleine onderneming of zelfstandige die een lichte vracht van €50.000 aanschaft in 2026, betekent dat een extra aftrek van €5.000 bovenop de gewone afschrijvingen. Afhankelijk van je belastingtarief levert dat een reële belastingbesparing op van €1.250 tot €2.000.

Investeringsaftrek ≠ beroepskostenaftrek: twee aparte voordelen

Een veelgestelde vraag: ‘Maar zijn de kosten van een lichte vracht in de toekomst nog aftrekbaar?’ Het antwoord is ja — en dat staat volledig los van de investeringsaftrek.

De beroepskosten van een lichte vrachtwagen (fiscale lichte vracht, art. 4 §2 WIGB) vallen niet onder de strenge autofiscaliteit die geldt voor personenwagens. De kosten zijn dus gewoon aftrekbaar als beroepskost, in functie van het beroepsmatig gebruik — ook na 2026.

Beroepskostenaftrek Investeringsaftrek
Wat? Jaarlijkse aftrek van werkelijke kosten (afschrijving, brandstof, onderhoud…) Eenmalige extra aftrek op de aankoopwaarde van de investering
Cumuleerbaar? ✅ Ja ✅ Ja — beide voordelen gelden naast elkaar

✅ Samengevat: de investeringsaftrek is een bijkomend voordeel bovenop de gewone beroepskostenaftrek. Je verliest de aftrekbaarheid van je kosten niet als je nu investeert — je wint er juist een extra fiscaal voordeel bij.

En elektrische lichte vracht?

Wie kiest voor een volledig elektrische lichte vrachtwagen (< 1 g CO₂/km), geniet van nóg een groter voordeel: de thematische investeringsaftrek voor koolstofemissievrij vervoer. Die bedraagt 40% voor kleine ondernemingen en 30% voor grote ondernemingen — en dat op een investeringsbedrag van maximaal €500.000 per investering.

Elektrisch rijden loont dus fiscaal nog meer. Maar ook wie (nog) kiest voor een fossiele lichte vracht, doet er goed aan om niet te wachten tot 2027.

Conclusie: wacht niet tot 2027

De boodschap is duidelijk: wie in 2026 een lichte vrachtwagen aanschaft op fossiele brandstof, pakt er een extra fiscaal voordeel bij dat volgend jaar definitief verdwijnt. De basisinvesteringsaftrek van 10% is een reële besparing die je niet wil laten liggen.

Twijfel je of dit voor jouw situatie interessant is? Of wil je weten of een elektrische lichte vracht misschien nog voordeliger uitkomt? Neem gerust contact op — we bekijken het samen.