Big Ben, London, SW1A 0AA
Mon – Sat 8:30 – 17:30

De nieuwe meerwaardebelasting in België: wat betekent dat voor jou?

Op vrijdag 3 april 2026 stemde de Kamer van Volksvertegenwoordigers de nieuwe meerwaardebelasting. Een historisch moment: voor het eerst in de Belgische geschiedenis betaal je voortaan belasting op de winst die je maakt bij de verkoop van aandelen, crypto of bepaalde beleggingen. Maar wat betekent dat nu concreet voor jou? En hoe kan je slim omgaan met deze nieuwe belasting? In dit artikel leg ik alles uit in klare taal.

Wat is de meerwaardebelasting?

Een meerwaarde is de winst die je maakt bij de verkoop van een belegging. Koop je aandelen voor €5.000 en verkoop je ze later voor €8.000? Dan is je meerwaarde €3.000. Op die winst betaal je voortaan belasting.

Tot voor kort was België één van de weinige landen in Europa zonder zo’n belasting. Die uitzondering is nu voorbij. De wet is bovendien retroactief van toepassing: alle meerwaarden gerealiseerd vanaf 1 januari 2026 vallen onder de nieuwe regels — ook al werd de wet pas in april 2026 gestemd.

Op welke beleggingen is de belasting van toepassing?

De meerwaardebelasting geldt voor vier grote categorieën van financiële activa:

   
Categorie Voorbeelden
Financiële instrumenten Aandelen, obligaties, ETF’s, beleggingsfondsen, afgeleide producten
Bepaalde levensverzekeringen Tak 21, tak 23, tak 26 en vergelijkbare spaar- en beleggingsverzekeringen
Cryptoactiva Bitcoin, Ethereum, NFT’s die als belegging of betaalmiddel worden gebruikt
Geldmiddelen Beleggingsgoud (goudstaven, -munten) — gouden juwelen vallen er NIET onder

Wat valt er NIET onder de meerwaardebelasting?

  • Je eigen woning of ander vastgoed (dat heeft aparte regels)
  • Pensioensparen en groepsverzekeringen
  • Gewone spaarrekeningen en termijnrekeningen
  • Gouden juwelen en andere sieraden

Hoeveel belasting betaal je? De drie scenario’s

Het tarief hangt af van jouw situatie. Er zijn drie verschillende scenario’s.

Scenario 1: De gewone belegger (de meeste mensen)

Ben je een particulier die belegt in aandelen, fondsen of crypto — zonder een groot belang in een eigen vennootschap? Dan betaal je 10% belasting op je meerwaarde. Maar de eerste €10.000 per jaar is vrijgesteld. Die vrijstelling wordt jaarlijks geïndexeerd.

📌 Voorbeeld: Je verkoopt aandelen en maakt €12.000 winst. Vrijstelling: €10.000 → Belastbaar: €2.000 → Belasting: €200 (10% van €2.000).

Ben je getrouwd of wettelijk samenwonend en zijn de beleggingen van jullie samen? Dan geldt de vrijstelling per persoon — samen dus tot €20.000 (of zelfs €30.000 als jullie de opgebouwde vrijstelling maximaal benutten).

Scenario 2: De ondernemer met een groot belang in zijn bedrijf

Ben je eigenaar van minstens 20% van de aandelen van een vennootschap? Dan val je onder een gunstiger regime met een vrijstelling van €1.000.000 per periode van 5 jaar en progressieve tarieven daarboven.

   
Schijf meerwaarde Tarief
Tot €1.000.000 0%
€1.000.001 – €2.500.000 1,25%
€2.500.001 – €5.000.000 2,50%
€5.000.001 – €10.000.000 5%
Boven €10.000.000 10%

 

Scenario 3: Verkoop aan je eigen vennootschap (interne meerwaarde)

Verkoop je aandelen aan een vennootschap die je zelf controleert — bijvoorbeeld je eigen holding? Dan betaal je 33% belasting, zonder enige vrijstelling. Dit is de strengste categorie en het omgekeerde van wat je wil bereiken met een optimalisatie.

Snel overzicht: wie betaalt wat?

     
Wie ben je? Tarief Vrijstelling
Gewone belegger (< 20% in vennootschap) 10% €10.000/jaar (max €15.000)
Ondernemer met ≥ 20% in eigen bedrijf 0% → 10% Eerste €1.000.000 (per 5 jaar)
Verkoop aan eigen vennootschap 33% Geen

 

Wat met winsten van vóór 2026? Het fotomoment

Goed nieuws: de winst die je vóór 1 januari 2026 al had opgebouwd, wordt niet belast. Enkel de waardestijging ná die datum telt mee. Dit noemen we het ‘fotomoment’: de waarde van je beleggingen op 31 december 2025 is het vertrekpunt.

Voor beursgenoteerde aandelen is dat eenvoudig: de beurskoers van die dag is het referentiepunt. Voor aandelen van je eigen vennootschap is dat complexer: je hebt een officiële waardering nodig door een bedrijfsrevisor of onafhankelijk accountant. Ondernemers hebben tot 31 december 2027 de tijd om die waardering te laten opmaken.

⚠️ Doe dit niet te lang uitstellen. Een waardering kost wat, maar kan je duizenden euro’s belasting besparen.

Wat als je verlies maakt?

Maak je verlies op een belegging? Dan mag je dat verlies aftrekken van je winst — maar enkel binnen hetzelfde jaar en dezelfde categorie. Verliezen zijn niet overdraagbaar naar een volgend jaar.

📌 Voorbeeld: Winst op aandelen A: +€15.000 | Verlies op aandelen B: –€8.000 → Belastbaar: €7.000 → Na vrijstelling van €10.000: €0 belasting.

Schenken of erven: geen meerwaardebelasting

Een schenking of erfenis is geen verkoop en triggert dus geen meerwaardebelasting. Wil je aandelen overdragen aan je kinderen? Dan kan een schenking fiscaal interessanter zijn dan een verkoop.

Let op: de begiftigde (degene die de schenking ontvangt) zal later wél belasting betalen als hij of zij de aandelen verkoopt. De meerwaarde wordt dan berekend op basis van jouw oorspronkelijke aankoopprijs. Bespreek dit altijd met je accountant, want de schenkbelasting en de latere meerwaardebelasting bij de kinderen moeten mee in de afweging.

Hoe wordt de belasting geïnd?

Vanaf 1 juni 2026 zal je bank of broker de belasting automatisch inhouden bij de verkoop — net zoals dat nu al gebeurt bij dividenden. Vóór die datum moet je de meerwaarden zelf aangeven in je belastingaangifte.

 

6 slimme tips om je meerwaardebelasting te beperken

De meerwaardebelasting is nieuw, maar dat betekent niet dat je er niets aan kan doen. Hieronder zes legale manieren om je belasting te optimaliseren.

Tip 1: Verkoop in schijven — blijf onder de vrijstellingsgrens

De vrijstelling van €10.000 per persoon per jaar geldt elk jaar opnieuw. Spreid je verkopen over meerdere jaren zodat je telkens onder de grens blijft.

Voorbeeld: Meerwaarde van €40.000 in één jaar → €30.000 belastbaar → €3.000 belasting.
Gespreid over 4 jaar (€10.000/jaar) → €0 belasting.

Tip 2: Benut de opgebouwde vrijstelling van vorige jaren

Gebruik je de vrijstelling een jaar niet (of niet volledig), dan bouw je extra vrijstelling op — tot maximaal €15.000. Wie vijf jaar lang niets verkoopt, kan in het zesde jaar tot €15.000 belastingvrij realiseren. Plan grote verkopen dus bewust.

Tip 3: Verrekenbare verliezen bewust inzetten

Heb je beleggingen die momenteel verlies draaien? Realiseer dat verlies bewust in hetzelfde jaar als je een grote winst boekt. De fiscus heeft uitdrukkelijk bevestigd dat dit geen fiscaal misbruik is. Let wel: het verlies moet in hetzelfde jaar én dezelfde categorie vallen.

Voorbeeld: Winst +€15.000 | Verlies –€8.000 → Belastbaar: €7.000 → Onder vrijstelling → €0 belasting.

Tip 4: Schenk in plaats van verkoop

Een schenking triggert geen meerwaardebelasting. Wil je aandelen overdragen aan je kinderen? Dan kan een schenking fiscaal interessanter zijn dan een verkoop — al betaalt de begiftigde later wél belasting als hij of zij de aandelen verkoopt. Bespreek dit altijd met je accountant.

Tip 5: Ondernemer? Laat je aandelen tijdig waarderen

Als ondernemer met een aanmerkelijk belang heb je tot 31 december 2027 de tijd om een officiële waardering van je aandelen per 31 december 2025 te laten opmaken. Doe je dat niet, dan riskeer je dat de volledige meerwaarde — inclusief de historische winst van vóór 2026 — belast wordt. Dit is misschien wel de belangrijkste tip voor ondernemers.

Tip 6: Simuleer je situatie met een online tool

Voordat je beslist wanneer en hoeveel je verkoopt, simuleer je situatie op meerwaardebelastingberekenen.be. Zo zie je meteen wat de impact is van verschillende scenario’s: spreiden over jaren, verliezen verrekenen, enzovoort — zonder dat je een fiscaal expert hoeft te zijn.

Wat je beter niet doet

Sommige ‘optimalisaties’ lijken slim maar zijn dat niet:

  • Verkopen op 31 december en terugkopen op 2 januari om de vrijstelling te resetten: de fiscus is hiervan op de hoogte en kan dit als fiscaal misbruik beschouwen.
  • Aandelen inbrengen in een eigen vennootschap om de belasting te vermijden: dat valt onder de ‘interne meerwaarde’ en wordt belast aan 33%.

Conclusie: plannen loont

De meerwaardebelasting is een nieuwe realiteit voor elke Belg die belegt. Maar met een beetje planning valt de impact voor de meeste mensen goed mee. De sleutel zit in spreiden, plannen en tijdig handelen.

Heb je vragen over hoe de meerwaardebelasting jou persoonlijk treft? Neem gerust contact op — ik help je graag verder.

Lichte vracht kopen in 2026?

Lichte vracht kopen in 2026? Doe het dit jaar en bespaar extra op je belastingen

Als zelfstandige of bedrijfsleider overweeg je misschien een nieuwe lichte vrachtwagen aan te schaffen — voor de zaak, voor leveringen, of gewoon omdat je huidige wagen aan vervanging toe is. Dan is er goed nieuws: wie dat dit jaar nog doet, pakt er een extra fiscaal voordeel bij dat vanaf 2027 verdwijnt. We leggen je uit hoe dat zit.

Wat is een investeringsaftrek?

Wanneer je als zelfstandige of vennootschap investeert in bedrijfsmiddelen — denk aan machines, computers, voertuigen of installaties — mag je die kosten afschrijven over meerdere jaren. Dat is de gewone beroepskostenaftrek: je trekt de aankoopwaarde gespreid af van je belastbare winst.

De investeringsaftrek is iets anders, en iets extra’s. Het is een bijkomende fiscale aftrek bovenop de gewone afschrijving. Je mag een bepaald percentage van de aanschaffingswaarde van je investering nog eens extra aftrekken van je belastbare winst — in één keer of gespreid over de afschrijvingsperiode.

💡 Concreet: stel je koopt een lichte vrachtwagen van €50.000. Je schrijft die af over 5 jaar (€10.000/jaar). Dankzij de investeringsaftrek mag je bovenop die afschrijving nog eens een extra bedrag aftrekken van je winst. Dat verlaagt je belastbare basis — en dus je belastingfactuur.

De investeringsaftrek staat volledig los van de aftrekbaarheid van je autokosten als beroepskost. Het zijn twee aparte voordelen die je naast elkaar kunt toepassen. De investeringsaftrek is een eenmalige extra aftrek op de aankoopwaarde; de beroepskostenaftrek is de jaarlijkse aftrek van je werkelijke kosten (brandstof, onderhoud, verzekering, afschrijving…).

Lichte vracht en de investeringsaftrek: wat verandert er?

Sinds 1 januari 2025 geldt een volledig hervormd systeem van investeringsaftrekken. Eén van de belangrijkste wijzigingen: bepaalde voertuigen op fossiele brandstof worden uitgesloten van de basisinvesteringsaftrek.

Voor lichte vrachtwagens op fossiele brandstof (benzine, diesel…) geldt een overgangsregeling:

  • Aangeschaft vóór 1 januari 2027 (dus ook in heel 2026): ✅ recht op de basisinvesteringsaftrek
  • Aangeschaft vanaf 1 januari 2027: ❌ geen basisinvesteringsaftrek meer mogelijk

Voor andere voertuigen op fossiele brandstof — zoals motorfietsen of bromfietsen — geldt die uitzondering niet. Die zijn al onmiddellijk uitgesloten. De lichte vracht kreeg dus een jaar extra.

⏰ Concreet: wie een lichte vrachtwagen op fossiele brandstof aanschaft in 2026, geniet nog van de basisinvesteringsaftrek. Wie wacht tot 2027, valt uit de boot.

Hoeveel bedraagt de basisinvesteringsaftrek?

De basisinvesteringsaftrek bedraagt:

  • 10% van de aanschaffingswaarde — voor kleine vennootschappen en zelfstandigen (eenmanszaken)
  • 0% — voor grote vennootschappen (zij genieten enkel van de verhoogde/thematische aftrekken)

Voor een kleine onderneming of zelfstandige die een lichte vracht van €50.000 aanschaft in 2026, betekent dat een extra aftrek van €5.000 bovenop de gewone afschrijvingen. Afhankelijk van je belastingtarief levert dat een reële belastingbesparing op van €1.250 tot €2.000.

Investeringsaftrek ≠ beroepskostenaftrek: twee aparte voordelen

Een veelgestelde vraag: ‘Maar zijn de kosten van een lichte vracht in de toekomst nog aftrekbaar?’ Het antwoord is ja — en dat staat volledig los van de investeringsaftrek.

De beroepskosten van een lichte vrachtwagen (fiscale lichte vracht, art. 4 §2 WIGB) vallen niet onder de strenge autofiscaliteit die geldt voor personenwagens. De kosten zijn dus gewoon aftrekbaar als beroepskost, in functie van het beroepsmatig gebruik — ook na 2026.

Beroepskostenaftrek Investeringsaftrek
Wat? Jaarlijkse aftrek van werkelijke kosten (afschrijving, brandstof, onderhoud…) Eenmalige extra aftrek op de aankoopwaarde van de investering
Cumuleerbaar? ✅ Ja ✅ Ja — beide voordelen gelden naast elkaar

✅ Samengevat: de investeringsaftrek is een bijkomend voordeel bovenop de gewone beroepskostenaftrek. Je verliest de aftrekbaarheid van je kosten niet als je nu investeert — je wint er juist een extra fiscaal voordeel bij.

En elektrische lichte vracht?

Wie kiest voor een volledig elektrische lichte vrachtwagen (< 1 g CO₂/km), geniet van nóg een groter voordeel: de thematische investeringsaftrek voor koolstofemissievrij vervoer. Die bedraagt 40% voor kleine ondernemingen en 30% voor grote ondernemingen — en dat op een investeringsbedrag van maximaal €500.000 per investering.

Elektrisch rijden loont dus fiscaal nog meer. Maar ook wie (nog) kiest voor een fossiele lichte vracht, doet er goed aan om niet te wachten tot 2027.

Conclusie: wacht niet tot 2027

De boodschap is duidelijk: wie in 2026 een lichte vrachtwagen aanschaft op fossiele brandstof, pakt er een extra fiscaal voordeel bij dat volgend jaar definitief verdwijnt. De basisinvesteringsaftrek van 10% is een reële besparing die je niet wil laten liggen.

Twijfel je of dit voor jouw situatie interessant is? Of wil je weten of een elektrische lichte vracht misschien nog voordeliger uitkomt? Neem gerust contact op — we bekijken het samen.

meerwaardebelasting-2026-belgie-belegger.png

Nieuwe meerwaardebelasting vanaf 2026

Nieuwe meerwaardebelasting vanaf 2026 –

Wat dient u hiervan te weten?  Wat zijn de meest gestelde vragen?

Vanaf 1 januari 2026 geldt in België een nieuwe belasting op de winst die je maakt met beleggingen. Tot nu toe waren particuliere beleggers vrijgesteld van belasting zolang ze investeerden als een ‘goede huisvader’ — dus zonder speculatie, met eigen middelen en op lange termijn. Die vrijstelling verdwijnt. In deze veelgestelde vragen leggen we uit wat dit voor jou betekent en hoe je je kunt voorbereiden.

Wat verandert er precies?

Vanaf 2026 voert de overheid een belasting in op de winst die je als particulier maakt bij de verkoop van bepaalde beleggingen, zoals aandelen, fondsen, goud of cryptomunten. Die winst noemen we een meerwaarde. Daarop betaal je voortaan 10% belasting. Gelukkig zijn er ook uitzonderingen en vrijstellingen:

  • Je eerste €10.000 winst per jaar blijft belastingvrij.
  • Niet-gebruikte vrijstelling mag je tot 5 jaar opsparen tot maximum €15.000.
  • Heb je minstens 20% van de aandelen in een vennootschap? Dan geldt er een eenmalige vrijstelling van €1.000.000 bij verkoop.
  • Meerwaarden opgebouwd vóór 2026 blijven volledig vrijgesteld.

Deze belasting geldt enkel voor natuurlijke personen. Beleg je via een vennootschap, dan verandert er (momenteel) niets. Meerwaarden worden dan nog steeds belast onder het bestaande vennootschapsstelsel.

1. Wat is de meerwaardebelasting?

Vanaf 2026 betaal je 10% belasting op winst die je maakt door beleggingen zoals aandelen, fondsen, goud of crypto te verkopen.

2. Vanaf wanneer moet ik deze belasting betalen?

De belasting geldt voor winst die je maakt vanaf 1 januari 2026. Winst die je vóór die datum behaalde, blijft belastingvrij.

3. Moet ik belasting betalen op alle winst?

Nee. Je krijgt elk jaar een vrijstelling van €10.000. Op dat bedrag betaal je geen belasting. Pas als je méér winst maakt, betaal je 10% op het verschil.

4. Geldt de belasting voor alle beleggingen?

De taks geldt voor:

  • Aandelen (beursgenoteerd of niet)
  • Fondsen en ETF’s
  • Goud, crypto en andere edelmetalen
  • Beleggingsverzekeringen (tak 23 en tak 26)

Ze geldt niet voor:

  • Spaargeld
  • Dividenden (blijven belast aan 30%)
  • Je woning of ander vastgoed

5. Wat is de waarde op 31 december 2025?

Die datum bepaalt het startpunt. De waarde van je beleggingen op 31/12/2025 wordt vergeleken met de verkoopwaarde later. Enkel winst daarboven wordt belast. Winst die je vóór die datum maakte blijft buiten schot.

6. Wat als ik verlies maak?

Dan betaal je geen belasting. Maar je mag dat verlies niet aftrekken van andere winsten.

7. Wie rekent de belasting aan?

Je bank zal de belasting meestal automatisch inhouden (opt-in). Kies je voor opt-out? Dan moet je zélf de aangifte doen in je belastingbrief, ook als je minder dan €10.000 winst maakte.

8. Moet ik iets doen in 2025?

Ja, absoluut:

  • Bekijk of je bepaalde beleggingen nog in 2025 wil verkopen om belasting te vermijden.
  • Laat beleggingen waarderen, vooral als je aandelen hebt in een familiebedrijf of KMO.
  • Heb je minstens 20% aandelen in een vennootschap? Dan kan je bij verkoop recht hebben op een eenmalige vrijstelling van €1.000.000. Laat daarom vóór 31/12/2025 de waarde van je aandelen bepalen. Zo bewijs je bij verkoop hoeveel meerwaarde je hebt gemaakt.
  • Let op: dit geldt enkel voor natuurlijke personen. Vennootschappen moeten hiervoor niet gewaardeerd worden. Maar als jij als particulier aandelen bezit in een vennootschap, dan is die waardering wél nuttig.
  • Dit gaat over situaties zoals een verkoop of overdracht van je aandelen aan een derde partij, bijvoorbeeld bij overname of familiale overdracht.

9. Wat met opties of geschreven opties?

Voor gekochte opties is het duidelijk: winst is belastbaar. Voor geschreven opties (waarbij je premies ontvangt) is de fiscale behandeling nog niet uitgeklaard.

10. Wanneer betaal ik 33% belasting?

Alleen als de fiscus jouw beheer als speculatief beschouwt. Dat is bijvoorbeeld wanneer je:

  • Aandelen zeer kort aanhoudt,
  • Belegt met geleend geld,
  • Geen economische band hebt met het aandeel.

In dat geval kan je belast worden aan 33% in plaats van 10%.

11. Worden mijn dividenden zwaarder belast?

Nee. Dividenden uit je vennootschap blijven, zoals nu, belast aan 30% roerende voorheffing. De nieuwe belasting verandert daar niets aan.

12. Wat als ik mijn vennootschap binnenkort wil stopzetten?

De meerwaardebelasting geldt niet voor vennootschappen. Dus ook niet voor liquidatievergoedingen of uitkeringen van liquidatiereserves. Die vallen onder het gewone belastingregime. Je betaalt dus geen 10% meerwaardebelasting bij het stopzetten van je vennootschap.

Hulp nodig?

Neem gerust contact met ons op via ons contactformulier.
Wij bekijken jouw situatie persoonlijk en helpen je met een duidelijke aanpak voor 2026.

Verplichte elektronische facturatie tussen ondernemingen vanaf 01/01/2026

Vanaf 01/01/2026 dient elke onderneming (eenmanszaak en vennootschap) zijn factuur elektronisch/digitaal op te maken wanneer deze factureert aan een andere eenmanszaak of vennootschap.

Een elektronische of digitale factuur is GEEN Word of Excel document dat werd omgezet in een PDF.

De elektronische of digitale factuur dient opgemaakt te worden volgens een universele structuur, genaamd de Universal Business Language (UBL).  Die opbouw zorgt ervoor dat softewarepaketten wereldwijd deze factuur kunnen inlezen.

De elektronische of digitale facturen zullen tussen ondernemingen verstuurd worden op het Europese PEPPOL-netwerk.  Dit netwerk kan men aanzien als de digitale snelweg van de elektronische facturen waar iedere onderneming deel van uit maakt.

Als onderneming dient u dus een softwareleverancier te contacteren die deze facturen kan maken en die aangesloten is op het PEPPOL netwerk.  BillIT is een softwareleverancier die reeds deze type facturen kan opmaken.   Uiteraard zijn er nog andere leveranciers op de markt die reeds met deze technologie werken.

Bron: Minister Van Peteghem

Nieuw criterium voor tijdstip aangifte personenbelasting

Vanaf dit jaar worden de indieningstermijnen voor de aangifte personenbelasting gebaseerd op een nieuw criterium i.e. de aard van de inkomsten en de complexiteit van de aangifte.

Er wordt voortaan GEEN rekening meer gehouden met het feit of de aangifte al dan niet door een mandataris (lees uw boekhouder/accountant) wordt ingediend.

Een langere aangiftetermijn wordt toegekend voor de aangifte als ze één of meerdere van volgende inkomsten bevat en daardoor als complex wordt beschouwd:

  • winsten en/of baten
  • bezoldigingen bedrijfsleiders
  • bezoldigingen aan meewerkende echtgenoten (wettelijk samenwonenden)
  • buitenlandse beroepsinkomsten

Samengevat: alle niet-zelfstandigen dienen voortaan uiterlijk tegen 30 juni 2023 hun papieren aangifte in te dienen ofwel uiterlijk tegen 15 juli 2023 via MyMinfin.

Dient u complexe inkomsten op te nemen in uw aangifte personenbelasting, dan heeft u tijd tot 18 oktober 2023 om uw aangifte personenbelasting in te dienen.

Bron: https://financien.belgium.be/nl/Actueel/indieningstermijnen-aangiften-pb-2023

Belastingvermindering op laadpaal voor zelfstandige, vennootschap en particulier

Een belastingvermindering op laadpaal zowel voor zelfstandige, vennootschap en particulier want vanaf 2026 moeten bedrijfswagens elektrisch zijn om van 100% aftrekbaarheid te kunnen blijven genieten.  Voor wagens op fossiele brandstoffen is een traject voorzien waarbij de aftrek vanaf juli 2023 tot 2028 jaar na jaar  vermindert.  Bestaande contracten worden niet gewijzigd.

Om deze overgang zo goed als mogelijk te laten lopen steunt de overheid de installatie van een laadpaal bij uw bedrijf of bij u als particulier.

Zelfstandigen en vennootschappen

Voor zelfstandigen en vennootschappen is momenteel een laadpunt 100% aftrekbaar.  Vanaf 1 september 2021 wordt de aftrek verhoogd naar 200% en dit tot en met 31 december 2022.  Tussen 1 januari 2023 en 31 augustus 2024 daal de aftrekbaarheid naar 150%.

Voorwaarden:

  • minstens een deel van de dag vrij toegankelijk zijn voor derden;
  • voorzien zijn van intelligente software (de laattijd en laadvermogen moet kunnen worden gestuurd door een energiebeheerssysteem)

De gedane investering kan worden afgeschreven ten belope van 200% als de investering gebeurt in de periode van 1 september 2021 tot 31 december 2022; en ten belope van 150% als de investering gebeurt in de periode van 1 januari 2023 tot 31 augustus 2024.

Particulieren

Particulieren kunnen rekenen op een belastingvermindering van 45% met een maximum van 1.500 EUR per laadpaal voor een installatie tussen 1 september 2021 tot en met 31 december 2022.  Vanaf 2023 wordt het voordeel afgebouwd naar 30% en vervolgens naar 15% vanaf 2024.  Zowel huurders als eigenaars hebben recht op de belastingvermindering.

Voorwaarden:

  • in nieuwe staat worden verkregen;
  • het gaat om levering met plaatsing (een door de particulier aangekocht en zelf geplaatst laadstation komt niet in aanmerking);
  • de plaatsing moet gebeuren in de woning van de belastingplichtige (zijn woning op 1 januari van het aanslagjaar);
  • de belastingplichtige kan slechts 1x aanspraak maken op de vermindering;
  • het laadstation moet werken op groene stroom (zonnepanelen zijn niet nodig, een contract voor 100% groene stroom met de elektriciteitsmaatschappij is ook goed);
  • voorzien zijn van intelligente software (digitaal aansluitbaar op een beheerssysteem dat laattijd en laadvermogen kan sturen);
  • gekeurd zijn door een erkend keuringsmechanisme.

Voor verdere informatie kunt u steeds met ons contact opnemen.